Groenbemesters

Een groenbemester inzaaien is een standaard maatregel voor het bevorderen  van de bodemgezondheid. De keuze van het soort groenbemester wordt in eerste instantie bepaald door de aanwezigheid en/of de risico’s van alen. Daarnaast kunnen groenbemesters, mits wordt voldaan aan de juiste eisen, meetellen als ecologisch aandachtsgebied voor het GLB.

Geen aaltjes

Als er geen aaltjes aanwezig zijn kunt u kiezen voor raaigras. Dit heeft een lage kostprijs per hectare met een hoge aanvoer van organische sof. Engels raai heeft in het begin van het seizoen de voorkeur. Het is ook mogelijk te kiezen voor een groenbemestermengsel.

Mengsels

De Terralife mengsels zijn samengesteld uit meerdere plantensoorten. Elke plant stimuleert het bodemleven op zijn eigen wijze en zorgt voor doorworteling op meerdere diepten. Door deze concurrentiestrijd onderling ontstaat er ook meer biomassa, dan dat er met een enkelvoudige groenbemester wordt behaald. Dit geld voor zowel de bovengrondse als de ondergrondse delen. Ook stimuleren meerdere plantensoorten de vermeerdering en diversiteit van bodemleven.

Aanwezigheid van aaltjes

Er wordt momenteel veel onderzoek gedaan naar de effecten van mengsels op bestrijding van verschillende soorten alen.  Mengsels komen hier positief uit wanneer er geen alen besmetting op een perceel aanwezig is. Heeft u problemen met alen, dan raden wij aan om eerst het probleem op te lossen met enkelvoudige groenbemesters, voordat u met mengsels verder gaat.

Regelgeving vanggewassen GLB

Om aan de vergroeningseis van 5% ecologisch aandachtsgebied te voldoen kunt u kiezen uit verschillende maatregelen, waaronder de inzet van groenbemesters. Als u geen gebruikt maakt van groenbemesters voor deze invulling, dan zijn onderstaande regels niet van toepassing.

Bij de inzet van vanggewassen voor de vergroening horen een aantal spelregels waaraan moet worden voldaan, de belangrijkste vindt u hieronder:

  •    De wegingsfactor voor groenbemesters is 0,3. Dit houdt in dat elke hectare groenbemesting meetelt als 0,3 hectare voor de    vergroening.
  •     Er dient een mengel gezaaid te worden van minimaal 2 soorten, waarvan 1 soort voor minimaal 3% toegevoegd.
  •     Er dient minimaal 75% van de aanbevolen hoeveelheid zaaizaad te worden ingezaaid.
  •     Groenbemester dient te worden ingezaaid na 15 juli en uiterlijk 15 oktober.
  •     Groenbemester als onderzaai gaat in op het moment van oogst van de hoofdteelt
  •     Voor zowel vanggewas als onderzaai, of als nateelt geldt een minimale termijn van 8 weken. Beweiden, maaien en/of klepelen is in deze periode niet toegestaan.
  • Meststoffengebruik is toegestaan
  •  Het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen is toegestaan na de termijn van 8 weken
  •   Vanggewassen na mais op zand of löss tellen niet mee.
  • Aankoopbewijzen en etiketten dienen 5 jaar bewaard te blijven
  • De datum van inzaai melden bij RVO

 

Niet al onze groenbemesters zijn gemengd met minimaal 2 soorten. U kunt dus een samenstelling maken op basis van eigen voorkeuren. Hou hier rekening mee met uw bestelling.

Gebruiksnormen stikstof

Bij de teelt groenbemesters kunt u recht hebben op extra stikstof ruimte. Hiervoor dient te worden voldaan aan de onderstaande data en termijnen:

Voor klei:           inzaaien voor 1 september en ploegen toegestaan na minimaal 8 weken teelt

Voor zand:         inzaaien voor 1 september en na 1 december ploegen

Tot slot

Uitgangspunten:

  •      Elke groenbemester is beter dan geen groenbemester
  •      Geen alen à raaigras is goed en goedkoop
  •      Mengsels à stimuleren groei en bodemleven meer dan enkelvoudig
  •      Aanwezigheid van alen à kies enkelvoudig

De regelgeving maakt de teelt van groenbemesters ingewikkeld. We helpen u graag bij eventuele vragen. In het kort de uitgangspunten t.a.v. groenbemesting.

 

 



Contact

Algemeen

Bezoek adres:
Revisieweg 3, 8304 BE Emmeloord

Postadres:
Postbus 1077, 8300 BB Emmeloord

tel: 0527-631515
fax: 0527-292558
e-mail: info@profytodsd.nl